China II – Nine million bicycles in Beijing

7 03 2012

Terugkomend op het logje van gisteren: het gaat ontzettend goed met onze kleinste man. Hij gedraagt zich als een echte Nederlander…;-)

Toevallig trof ik vanmorgen in de krant een erg leuk stuk aan refererend aan het logje van gisteren:

Peking wil meer fatsoen

Spugen op straat, vuilnis wegsmijten. Voor mensen in Peking is dat gewoon. De overheid schakelde meer dan een miljoen mensen in om gedrag te veranderen. De vrouw slentert over de Cunxiusstraat in het centrum van Peking. Ze graait in haar jaszakken, kijkt even naar de inhoud en gooit die vervolgens achteloos op straat. Een zooi zakdoekjes waait achter haar weg. Honderd meter verderop steekt een man een peuk op en steekt daarna zonder aarzelen bij een rood stoplicht een kruispunt over. Wie achter hem aanloopt en schone schoenen wil houden, moet de ogen naar de grond gericht houden om niet in een uitgerochelde fluim te stappen. In 2008, toen Peking de Olympische Spelen organiseerde, begon de stad een beschavingsoffensief. De wereld kwam langs, dus moesten bewoners zich gaan gedragen. Niet op straat spugen, niet door rood lopen, afval in de prulenbak gooien. De overheid sprak het volk in vermaandende publiciteitscampagnes toe. Vier jaar later is de stad terug bij af. Maar de autoriteiten geven niet op en zijn een nieuw beschavingsoffensief begonnen. Ze hebben 1,2 miljoen vrijwilligers opgetrommeld om de 20 miljoen inwoners te herinneren aan wat fatsoenlijk is. Het zijn bijna uitsluitend gepensioneerden. Je ziet ze overal, herkenbaar aan een rode band die met een veiligheidsspeld aan de mouw van hun jas is geprikt – “Vrijwilliger Openbare Orde”. Eigenlijk doen ze niets. Ze hebben ook geen machtsmiddel en kunnen alleen beleefd vragen of iemand bijvoorbeeld geen afval op straat wil gooien. Maar ze doen ook echt niets, behalve op hun straathoek hangen en een beetje keuvelen met andere vrijwilligers en, als het mannen zijn, roken. “Soms vraagt iemand de weg”, zegt Liu Shuang (67), die met haar buurvrouw – ook vrijwilliger – op een stoeltje in de zon zit. “Maar verder hebben we niet zoveel te doen. Mensen lopen zo snel voorbij hier. Ik zou ze nooit kunnen aanspreken als ze ieets onfatsoenlijks doen.” Het is niet lang wachten op iemand die iets op straat gooit. De schuldige man reageert verbaasd op een vraag. “Hoezo kan dat niet?” Hij zegt het zonder greintje schuldgevoel. ”Er lopen zoveel straatvegers rond, iets wat je weggooit ligt er nooit lang. Wat moeten die vegers anders voor werk doen?” Maar er is meer dan de vrijwilligers. Op straat en in het openbaar vervoer roepen posters inwoners op te leven “in de geest van Peking”, met fatsoen en vaderlandsliefde. De campagne is inmiddels het mikpunt van hoon op websites, waar internetters schrijven wat volgens hen de echte geest van Peking is: “heerlijke luchtvervuiling”, “altijd in de file” en “gesloopte historische wijken”.

Ik moest wel lachen bij het lezen van dit artikel. Zo Chinees en zo treffend bij de foto’s van gisteren…

Maar nu vandaag… Katie Melua zong al over de “Nine million bicycles in Beijing” en ik denk dat ze goed geteld heeft… Deze foto’s zijn gemaakt in Beijing (Peking), in een zogenaamde “hutong”. Dat is een oude chinese wijk, waar er vroeger veel van waren in de stad. In 2008 hebben veel van deze hutongs plaats moeten maken voor hotels en andere zaken in verband met de Olympische Spelen. Ook weer typisch Chinees en ook hier weer ten gevolge van het communisme: wij hadden een soort sloppenwijk verwacht. Maar zo ziet het er absoluut niet uit. Het is oud, vervallen, af en toe krakkemikkig, maar de mensen lopen er goed verzorgd rond en hebben allemaal een mobiele telefoon in de hand. Aan de andere kant stinkt het wel weer gigantisch als je een straatje inloopt waar het openbaar toilet zich bevindt. Weer een typisch voorbeeld van “het land van de uitersten”.  








Volg

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 67 other followers

%d bloggers like this: